Molendatabase: Geschiedenis van koren- en pelmolen Aeolus

Deze molen is in 1851 gebouwd door molenmaker Jacob Kortholt van Ruischerbrug voor rekening van B.G. Oosterhuis. Tijdens de bouw verzakte de onderbouw in zuidelijke richting sterk; de oplossing om het bovenachtkant toch recht te krijgen was een wigvormig gemetseld tussenstuk! Beide pelstenen liggen derhalve waterpas onder een schuin aflopende stellingzolder. Vanaf de straat gezien maakt het gehele molenlijf daarom een geknikte indruk.

Tot 1895 was er een houten as met zeilroeden; in dat jaar werd een ijzeren as gestoken en de molen op één roede zelfzwichting. In 1926 stak molenmaker A. Dreise uit Woltersum een nieuwe binnenroede (welke in 1981, na een uitvoerige reparatie door roedenmaker Buurma, gehandhaafd kon blijven).

In 1946 volgde herstel door molenmaker Bremer voor fl 3000,-. In 1956 werd een grote restauratie uitgevoerd voor fl 11.363,- door dezelfde molenmaker. Beide roeden werden zelfzwichtend met het Van Busselsysteem.
In 1956-1957 werd in deze molen een proef genomen met automatische kruien en zwichten langs elektrische weg, door de Stichting Electriciteitsopwekking door Windmolens, in samenwerking met een aantal Groninger gemeenten. Omdat hier verder niets van vernomen is, moet aangenomen worden, dat deze proef geen groot succes was.

Tijdens een storm in de nacht van 9 op 10 november 1969 werd één roede beschadigd. In 1977 werd om veiligheidsredenen het hekwerk van de roeden genomen. In november 1980 begon een uiteindelijk fl 266.538 ,- kostende restauratie door de fa. Doornbosch (die haar werkplaats min of meer naast deze molen heeft). De molen werd op 4 december 1981 weer officieel in gebruik genomen.

Vanaf ongeveer 2000 heeft de molen niet meer gedraaid en is er weinig onderhoud meer gepleegd. De binnenroede, die thans zeer slecht is, zal moeten worden vervangen. Op 20 november 2014 werd de molen naar het westen gekruid, waarna beide roeden werden kaalgezet.

Eigenaars/mulders:
B.G. Oosterhuis (1851 - 1862)
R.H. Nanninga (1862 - 1866)
J.A. Kraaima (1866 - 1891)
Jb. Vennema (1891 - 1892)
Tido A. Edens (1892 - 1925)
B. Ridder (1925 - 1930)
L. Smith (1931 - 1941)
A.J. Hazekamp (1941 - ?)
H. Wieringa (? - ?)
D. Kruijer (? - ?)
Reintjes (? - ?)
G. Toth (? - )

Landschappelijke waarde:Deze wordt sterk verminderd door bomen en beplanting maar de windvang is redelijk.
Bedrijfsvaardigheid:Niet draaivaardig(zie geschiedenis)
Bestemming:Voor het malen van graan, thans buiten bedrijf.
Functie:Koren- en pelmolen.